woensdag 25 december 2013

De herdertjes lagen bij nachte



Kempische heideschapen


Ad Kolen

In mijn prille jeugdjaren is de basis van het ’kerstgevoel’ ontstaan. De warme huiselijkheid, de geborgenheid en het vreedzaam verbonden zijn staan nog steeds voor wat Kerstmis voor mij betekend. Dat werd toen geflankeerd door de symbolieken van het ’katholieke kerstfeest’; de nachtmis, de kerstboom, de kerststal en kerstliedjes. Het kerstgezang was blijkbaar belangrijker dan ik dacht. Nu, de teksten van verschillende kerstliederen lezend, komen ze me nog bekend voor. Meerdere van die liedjes helemaal weer mee kunnen zingen, nou ja zingen! Drie van de vier coupletten van ”De herdertjes lagen bij nachte” weet ik zo naar boven te halen.

Het eerste couplet; ”De herdertjes lagen bij nachte, zij lagen bij nacht in het veld, zij hielden vol trouwe de wachte, zij hadden hun schaapjes geteld.”, speelden we als kinderen thuis na met de beelden van de kerststal. Schapen zijn ’aaibare beesten’ maar weet dat ze al sinds heugenis een belangrijke rol in het leven van de mens spelen. Dit kerstverhaal is een mooie aanleiding dit aspect wat verder uit te diepen.

De schapen uit de tijd van de geboorte van het kerstkindje zagen er waarschijnlijk heel anders uit dan de rassen die we hier nu in Nederland kennen. Daar, in het Midden-Oosten, kwamen de wilde voorouders (Moeflon, Urial en Argali) voor van het sinds circa 6500 voor Christus bekende huisschaap. Het schaap behoort tot de oudste huisdiersoorten. Schapen komen over de hele wereld voor en zijn gefokt voor uitlopende doelen en aangepast aan verschillende terreinen.

Het vrij kleine Soayschaap is het meest primitieve Europese  huisschaap. Achtergelaten op Schotse eilanden is een gehard ras ontstaan. Ze kunnen zich met minimale verzorging goed redden. Ze zijn nauwelijks gedomesticeerd. Evenals hun directe voorouder, de moeflon, zijn soayschapen haarschapen met een maximale haargroei van zeven centimeter per jaar. Wolvorming, een vacht van meer dan tien centimeter, geldt als een teken van domesticatie. Soayschapen hoeven dus niet geschoren worden, ze ruien in de zomer. In Nederland wordt dit primitieve schapenras in gezet voor begrazing in Noord-Hollandse duingebieden.

Uit archeologisch vondsten is vastgesteld dat er in Nederland tussen 3500 en 3000 jaar voor Christus al schapen werden gehouden. De Nederlandse schaapsrassen zijn verdeeld in heideschapen, van de schrale heide en zandgronden en de weideschapen van de voedzamere kleigronden. In Brabant en ook in Limburg en op grote delen van de oostelijke zandgronden zijn het vooral de verschillende rassen heideschapen die vele eeuwen lang een belangrijke rol speelden. In onze streken was dat lang het Kempische heideschaap. Het is een niet zo groot of grof schaap, lang, licht van stuk en staat tamelijk hoog op de poten. De staart is lang en op de lange nek staat een hoornloze kop met een iets verheven neus en een plat voorhoofd.


Door het steeds opnieuw kappen van bossen voor akkers draagden de eerst akkerbouwers en veeltelers bij aan het ontstaan van heidevelden op de zandgronden. Na het instorten van het Romeinse rijk werd het merendeel weer bebost en pas in de vroege middeleeuwen ontstonden weer heidevelden die aanvankelijk alleen werden gebruikt om vee te weiden.

Vooral in de achttiende en de negentiende eeuw speelden de heideschapen, met name in Brabant, een belangrijke rol in het toen in de landbouw florerende “heidepotstalsysteem”. Hierbij werden de akkers op de randen van de bekendalen vruchtbaar gehouden met de mest van schapen die op de heide en de graslanden langs de beken geweid werden. De mest verzamelde men in de potstallen en werd vermengd met heideplaggen en –strooisel. Daarnaast zijn schapen ook steeds belangrijk geweest in de voedselvoorziening(vlees) en het maken van kleding(wol).

Hoewel het romantisch klinkt was schaapherder het minst betaalde beroep in die tijd. Het hoeden van schapen was dan vaak ook kinderarbeid. Bij uitzondering waakte een oudere vakkundige ‘schieper ’ over de kudde. Dikwijls een eenzame bezigheid op de grote stille heide.






Met onderstaande tekst wens ik iedereen fijne kerstdagen en een gevleugeld, maar vooral gezond 2014 toe!




Reacties naar: adkolen@kpnmail.nl


Kijk ook eens op mijn weblog

over vogels en andere natuurbelevenissen in het Quirijnstokpark in Tilburg Noord:


Geen opmerkingen:

Een reactie posten