zondag 29 juni 2014

Valken om de toren

 

 


Ad Kolen
 

’De tèlevizietoren’ is de naam die Tilburgers aanwenden voor de zendmast tussen Tilburg en Loon op zand. Met televisie heeft het 140 meter hoge gebouw weinig meer maken. De mast doet vooral dienst voor omroepzenders en mobiel telefoonverkeer. Sinds enkele jaren is er een functie bijgekomen. Oplettend voorbijgangers weten het al langer, vooral vogelaars merken al meerder jaren Slechtvalken (Falco Peregrinus), op rondom de toren. In oktober 2012 werd dan ook, onder auspiciën van ’Werkgroep Slechtvalk Nederland’ een nestkast geplaatst voor deze prachtige vogelsoort. De kast staat op de rand van de bovenste betonnen ring, tegen het rode hekwerk. Vanaf de Udenhoutse weg, maar vooral vanuit het Noorderbos is er goed zicht op dit enorme bouwsel.
 
Het eerste broedseizoen, 2013, was het gelijk raak. Er werden 3 eieren gelegd en 2 jonge Slechtvalken konden succesvol het nest verlaten. Ook het broedseizoen van 2014 is tot zover een succes. Uit opnieuw 3 eieren kwamen 2 jongen; mannetjes. Half mei waren ze al goed te zien vanaf de grond, met verrekijker uiteraard, vanuit het Noorderbos. Begin juni zagen we de oudervogels vaak druk bezig met jagen en aanvoeren van prooien voor de snel groeiende jongen.
 
Het menu van de Slechtvalk bestaat nagenoeg uitsluitend uit vogels. Variërend van kleine mezensoorten tot reigers. In Midden-Europa werden 210 verschillende vogelsoorten als prooi van de Slechtvalk vastgesteld. De biotoop is bepalend om welke soorten en aantallen het gaat. De voorkomende vogelsoorten zijn het jachtdoel. In de stad zijn dat vaak duiven in open gebieden zoals in Zeeland en de Waddeneilanden kunnen dat allerlei steltlopers zijn maar ook een gans pikken ze wel eens uit de lucht.
 Slechtvalken jagen meestal in de vlucht op vogels. Vanuit een hoge uitkijkpost wordt uitgekeken tot een geschikte prooi voorbij komt. Als die passeert stort de valk zich in een kenmerkende duikvlucht naar beneden, met licht samengevouwen vleugels,  of met de vleugels geheel tegen het lijf, naar gelang in welke hoek de aanval plaats vindt.
 
 De Slechtvalk is lang het voorbeeld geweest van een roofvogelsoort die over heel de wereld door veelvuldig pesticiden gebruik in zijn bestaan werd bedreigd. In een deelgebied, zoals Fennoscandinavië  zag men het aantal paren van 2000-3500 zakken tot 65 in 1975. De reductie van het aantal overwinteraars in ons land sinds 1950 is daarom niet verbazingwekkend evenmin als de lichte toenamen sinds 1985. De Slechtvalk is nu bezig met een langzame gestage opmars in Nederland. Van 1 paar voor 1985 via de schatting van 2006 van ongeveer 32 broedparen naar meer dan 120 in 2012.
 
De Slechtvalk stelt geen hoge eisen aan zijn biotoop, een goed aanbod aan voedsel, vogels en een veilige broedplaats zijn de belangrijkste voorwaarden. Het nest  bevind zich vaak op een richel van een steile rotswand en in onze omgeving is dat steeds vaker een hoog gebouw. Echter een hoge boom of op de bodem in gebieden waar steile rotswanden ontbreken, komt ook voor! Een vrije aanvliegroute tot de nestplaats en een open landschap om te jagen behoren ook tot de eisen die de Slechtvalk stelt aan zijn leefomgeving. Het is bepaald geen bosvogel.  De meeste Slechtvalken broeden de eerste keer als ze 2 of 3 jaar oud zijn. Een paar blijft gewoonlijk een leven lang bij elkaar. Maar soms kan een indringer een van de echtlieden verjagen.
 
Aan het einde van maart tot begin april worden de roodbruine eieren gelegd, 3  tot 4 meestal. Zowel het vrouwtje als de man bebroeden de eieren gedurende 29 tot 32 dagen. De jongen blijven van 35 tot 42 dagen in het nest. Dan duurt het nog ongeveer 2 maanden voordat ze helemaal zelfstandig zijn.
 
Nestkasten opgehangen op plaatsen die daar voor geschikt zijn zoals koeltorens van elektriciteitscentrales en andere hoge gebouwen hebben bijgedragen aan de snelle ontwikkeling van de populatie Slechtvalken in Nederland,  een doorslaand succes dus! Steeds vaker echter gebruiken ze meer natuurlijke broedplaatsen zoals op duinen en zandplaten langs de kust en in kraaiennesten op hoogspanningsmasten en in bomen. In het Noorderbos leek het even dat het paar een plek op een hoogspanningsmast gevonden had, maar de nestkast is toch meer geschikt.
 Bovenop de hoge woontoren, de Westpoint, in het centrum van Tilburg is in maart 2005 een nestkast voor deze snelle vogeljager geplaats. Vanaf 2008 is het een succesvolle broedplek waar ieder jaar meerdere jongen uitvliegen. Nu ook vanuit het Noorderbos aanwas en positieve geluiden vanuit Hilvarenbeek en Breda. Een mooie ontwikkeling in onze omgeving. Wie weet wordt de stadsduif in de toekomst met uitsterven bedreigd in Midden-Brabant!
 Reacties naar: adkolen@kpnmail.nl
 Kijk ook eens op mijn weblog
over vogels en andere natuurbelevenissen in het Quirijnstokpark in Tilburg Noord:

 

 
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten