maandag 26 december 2011

Erg hoge aantallen Canadese ganzen in 2011 in de Dongevallei en de omgeving





Ad Kolen

Volgens SOVON(vogelonderzoek Nederland) lijkt de favoriete broedhabitat van de Grote Canadese gans (Branta canadensis) in Nederland te bestaan uit moerasland nabij open water en grasland. In deze schets past de Dongevallei duidelijk, de resultaten zijn ernaar. Samen met de noordelijk van het gebied gelegen graslanden is het beeld compleet voor deze soort. Ook de opmerking dat ze opvallend vaak op (soms piepkleine) eilandjes broeden kan hier worden gestaafd.


Vanaf het begin van de vogeltellingen in de Dongevallei in 2004 is de populatie Grote Canadese ganzen stijgende. Ook buiten het telgebied is een explosieve toename van deze soort zichtbaar. Mogelijk door toenemende angst voor predatie van de aanwezige vos(sen) is na de piek in de presentie in 2008 het totaalaantal in 2009 en nog meer in 2010 afgenomen.


Als je met zijn tweeën de tellingen doet heb je soms bepaalde zaken niet zo in de gaten. Buiten het broedseizoen lopen Richard Smulders en ik om en om ieder een telling. Hoewel in het voorjaar het al  duidelijk was dat er weer groei in de aantallen Canadese ganzen zat werd de omvang ervan pas duidelijk na het optellen van de cijfers na de laatste telling op 17 december 2011. De soort ontbrak slecht op 3 tellingen. Tijdens 21 van de 24 gelopen telrondes werden in totaal maar liefst 1232 Grote Canadese ganzen geteld. Nog nooit werden er in een jaar zoveel aangetroffen binnen de grenzen van de Dongevallei. Dat is opmerkelijk na de behoorlijke dip die vorig jaar in de presentie van Canadese ganzen werd gezien. In 2010 werden er 312 minder (= 39%) dan in 2009 gezien. In 2011 steeg de presentie weer met 747  exemplaren(=154%.)


Grote Canadese gans  - Dongevallei Reeshof Tilburg


Teljaren

Vastgestelde territoria
Totaalaantal waargenomen over 24 tellingen
2004
0
80
2005
1
96
2006
1
218
2007
3
272
2008
11
920
2009
14
797
2010
15
485
2011
12
1232



Het hoogste aantal waargenomen op een telling was tot nu 140 exemplaren;
tijdens de 2e telling van juni 2008.

Het record aantal van dit jaar werd vooral gehaald door 2 waarnemingen met een enorm aantal; 223 stuks op 18 juni en 210 op 11 november en nog eens 130 op 2 juli. De groep van 223 stuks bestond uit 140 volwassen exemplaren en 83, door het nog kleinere formaat duidelijk herkenbare, jongen. Na het uitvliegen van de jongen verbleef de totale groep buiten de Dongevallei. De hele maand september tot de helft van oktober werden geen Canadese ganzen gezien.

Canadese ganzen zijn zeer sociaal levende vogels. Er zijn altijd soortgenoten in de buurt. Bijvoorbeeld bij verstoringen tijdens het broeden reageren onmiddellijk meerder soortgenoten die in de nabijheid rondhangen. De verspreiding van een groep samenlevende ganzen van deze soort bestrijkt een behoorlijk oppervlak. De in de Dongevallei verblijvende Grote Canadese ganzen leven ook in de noordelijk gelegen gras- en waterrijke gebieden. Ook vanuit het zuiden komen ze regelmatig aanvliegen. Ze zijn dus niet altijd in de Dongevallei aanwezig.



Het aantal vastgestelde territoria viel dit jaar iets lager uit; 12 tegenover 15 in 2010. Predatiedruk door de vos(sen) en het schudden van een deel van de eieren van elk gevonden broedsel zijn daar zeker debet aan.  Vele tientallen jongen werden na het broedseizoen gezien. Het exacte aantal is niet bekend maar zeker zijn er broedparen aan de wakende ogen van de tellers ontsnapt of hebben buiten de grenzen van het telgebied hun eieren uitgebroed.

De Grote Canadese gans is de grootste ’Zwarte gans’. Uit deze familie (Branta) kennen we in ons land ook de Brandgans (Branta leucopis) en de Rotgans (Branta bernicla). De Roodhalsgans (Branta ruficollis)-hier een zeldzame wintergast- en de Hawaiigans (Branta sandvincensis), bekend in Nederland als siervogel en veel in dierentuinen te zien, behoren daar ook toe. De oorspronkelijke broedgebieden van de Grote Canadese ganzen liggen in het noorden van Noord-Amerika. Ten behoeve van de jacht is deze soort op veel plaatsen in West- en Noord-Europa ingevoerd. Ze weten zich er nu te handhaven en te vermeerderen.

Het eerste Nederlandse broedgeval stamt uit 1974. Sindsdien is deze soort toegenomen van circa 100 broedparen in 1994 naar ruim 4800 broedparen of circa 21.400 exemplaren in 2009. Ook in Nederland is de Canadese Gans in staat gebleken om zich na vestiging vanuit uit een kleine initiële populatie gestaag uit te breiden. Uit eigen waarnemingen blijkt dat de soort zich nog steeds aan het uitbreiden is, toch zeker in Brabant.